Mozambique, Swaziland, Zuid-Afrika, Botswana en een eerste week India

8 juli 2018 - Bangalore, India

Lieve allemaal,

Allereerst: super leuk om jullie berichtjes te lezen! Ik mis iedereen in Nederland!

En wat valt er veel te beleven in een aantal weken. Ik ga proberen mijn verhaal niet te lang te maken, maar er is zoveel dat ik met jullie zou willen delen.

Mijn vorige verhaal eindigde in Bilene, in Mozambique. Op 17 juni rijden we naar Ponta d’Ouro, het meest zuidelijke puntje van Mozambique. Onderweg zien we giraffen met een jong langs de kant van de weg. De laatste kilometers naar onze accommodatie is er geen verharde weg en rijden we door mul zand. We rijden een piepklein dorpje in en zien een levensgroot bord ‘Devocean’. Dit is de naam van onze accommodatie, maar we bekijken de oprit en zijn het er unaniem over eens dat dit het niet kan zijn. We zien alleen maar rommel en puin. We rijden een stukje verder, maar daar zien we niets meer. Is dit het dan toch?

We parkeren de auto en lopen het terrein op. Het lijkt wel een afbraakterrein. We lopen een kantoortje binnen met op de deur een bordje ‘receptie’. Ik heb nog nooit zoiets gezien, het is hierbinnen alsof er een bom is ontploft. Er zit niemand binnen. We lopen terug naar de auto en besluiten net dat we gaan kijken of we ergens anders kunnen gaan overnachten, als er naar ons geroepen wordt.

Het blijkt Sean te zijn, de Nederlandse eigenaar. Al gauw is het ijs gebroken en voelt alles opeens heel anders aan. Sean zit vol verhalen en geeft ons een rondleiding. We slapen in safaritenten met echte bedden. Tot een paar dagen geleden was het hele terrein leeg omdat ze aan het verbouwen zijn. In verband met onze komst en nog 2 Amerikaanse jongens, hebben ze een paar tenten opgebouwd. Ter compensatie krijgen we een drie gangen diner aangeboden. De tenten roepen weer een klein beetje het kampeergevoel van Namibie op van vorig jaar.

Sean kletst honderduit en weet goed de spot te drijven met Hindoestanen. Joden staan volgens hem aan de top van de arrogantie. Net een trede daaronder staan de Afrikaanse Afrikanen. Maar, ver ver daar boven staat de Hindoestanen! Tevens is hij van mening dat Hindoestanen altijd blijven doorzeiken. Als voorbeeld haalt hij aan dat ze soms komen overnachten bij Devocean en dan aan Sean vragen of het zelf-catering is waarop Sean dan ontkennend antwoord. Niet veel later komen ze terug en vragen ze desondanks het eerdere antwoord of ze borden en bestek kunnen krijgen. Niet dus, want het is geen zelf-catering! Nog een moment later kloppen ze weer aan en komen om kolen vragen voor op de BBQ. Eindeloos doorzeiken geeft Sean aan.

Een kwartiertje later besluiten we even de broodjes op te eten die we hadden meegenomen voor onderweg als lunch en waar we nog niet aan toegekomen zijn. Vino loopt naar Sean en vraagt, zich van geen kwaad bewust, of Sean een bordje en een mesje voor hem heeft.

Sean, Laura, Michel en ik hebben hier erg veel plezier om!

Ponta d’ouro is een dorpje met charme. Alleen maar onverharde zandweggetjes om heerlijk op je slippers overheen te slenteren, barretjes, restaurantjes, kraampjes met souvenirs, een lokale markt, overal locals op de been, het leeft. En het ligt pal aan een prachtig strand met een even zo mooie zee!

We eten ’s avonds bij een leuk tentje met live muziek en ik geniet van het lokale drankje R&R (rum and raspberry’s) waar ik in Tofo al kennis mee heb mogen maken.

Na het eten lopen we naar een klein cafeetje dat we ’s middags hebben ontdekt, maar waar niemand blijkt te zijn. Daarachter, in een steegje, horen we wel rumoer. We nemen een kijkje en er blijkt een klein tentje te zitten waar locals naar het WK kijken, drinken en dansen. Het is er hartstikke druk. We besluiten ons daar in te mengen. Dames met weinig verhullende kleding schuren op de maat van de muziek met hun stevige billen tegen de mannen. Er wordt gefloten en gelachen. En veel gedronken! Een aantal mannen komt ons vragen of we bier voor ze willen bestellen. We bestellen voor onszelf een Savanna en aanschouwen wat zich hier afspeelt.

Een aantal mannen houdt ons in de gaten en kijkt naar ons, het grootste deel is meer geboeid door de voetbal.

We zien op een gegeven moment dat er in het steegje achter ons in alle openbaarheid cocaïne gesnoven wordt. Dit stemt mij niet helemaal gerust. We moeten als ‘rijke toerist’ nog een stukje terugwandelen over een route zonder enkele vorm van verlichting en Devocean is de eerste accommodatie waar we verblijven waar geen security is. Misschien moeten we dit juist beschouwen als een goed teken, maar toch ..

Gelukkig komen we veilig thuis. Het was leuk om even onderdeel te zijn van een lokaal feestje!

De dag erna is een relaxte dag. We maken een uitgebreide strandwandeling. Het is eb en er is een heleboel dood koraal droog gevallen waar we overheen kunnen lopen. In dit koraal bevinden zich grote uitsparingen waar het zeewater nog in staat en waar we levend koraal zien, heel veel mooie visjes, garnalen, krabben. Het lijkt alsof zich in iedere put een nieuw aquarium bevindt. Dit alles tegen de achtergrond van een woeste zee waarvan de golven steeds tegen de wand van koraal aanslaan waar we overheen lopen. We kijken onze ogen uit.

De volgende dag is een reisdag, maar eerst gaan Laura en ik nog op avontuur. Onze wekkers gaan om kwart voor zes. Met lichte kriebels trek ik mijn bikini aan en daaroverheen een short en t-shirt en een jas terwijl Vino nog ligt te slapen. Laura en ik gaan op zoek naar dolfijnen!

Op het strand ligt weer een Zodiac voor ons klaar. Laura en ik zijn de enige twee ‘commerciële’ gasten, maar met vrijwilligers, medewerkers en vrienden van de crew erbij zijn we met 15 man. Met zijn allen duwen we de boot het water in. We staan in onze kleding tot aan onze middel in het water en worden 1 voor 1 de boot in gehesen. En hoe ik ook mijn best doe, op een charmante manier de boot in komen lukt gewoonweg niet. Integendeel. Als een soort van walrus plof ik languit op de bodem van de boot.

We installeren ons. Voeten in de voetstraps op de bodem, zwemvesten aan, stevig vasthouden aan het touw dat langs de rand van de boot loopt en vol gas tegen de golven in de oceaan op. Eenmaal voorbij de branding wordt het rustiger op zee en binnen enkele minuten, nog heel dicht bij de kust, zien we de eerste dolfijnen. De zwemvesten kunnen uit, de duikbrillen kunnen op en niet veel later mogen we het water in!! We snorkelen een stukje weg van de boot richting de groep dolfijnen. Hoe bijzonder is dit! Dolfijnen onder water rond en onder je te zien zwemmen.

Na een paar minuten roept Angie, hoofd van de crew, dat we allemaal onmiddellijk terug moeten naar de boot. 1 van de dolfijnen waarschuwt ons door met zijn bek open op ons af te zwemmen. Iedereen wordt weer in de boot gehesen. Angie vertelt dat ze meer tijd nodig hebben om dit signaal goed te kunnen duiden, wat is de reden dat de dolfijn zo reageert? Het kan zo zijn dat de dolfijn niet wil dat we in de buurt komen, het kan ook zijn dat er een groot roofdier zoals een haai in de buurt is en dat de dolfijn ons waarschuwt.

Het tochtje voelt alles behalve commercieel. Angie doet dit al 21 jaar dag in dag uit en het is duidelijk dat dit voor haar een serieuze aangelegenheid is. Er worden gegevens genoteerd en in opdracht  van Angie worden foto’s gemaakt van dolfijnen met een grote telelens. Geconcentreerd worden de dolfijne gevolgd.

We komen de ene na de andere grote groep dolfijnen tegen die een stukje met ons opzwemmen en onder de boot doorzwemmen en zo dichtbij komen dat we ze zouden kunnen aanraken. Het zijn er honderden. Dolfijnen die pijlsnel door het water schieten en dolfijnen die capriolen uithalen en metershoog de lucht inspringen. Het is een prachtig gezicht. In de 1,5 uur tijd op het water zijn we bijna de hele tijd omgeven door deze bijzondere zoogdieren.

De paar minuten in het water met de dolfijnen zijn zo bijzonder en smaken absoluut naar meer, maar helaas is het niet verantwoord en kijken we toe vanaf de boot.

Na een goed ontbijt bij Devoceaan kunnen we op pad en we steken vandaag de grens over naar Swaziland. We slapen de komende twee nachten in een wildpark waar we einde van de middag aankomen. We hebben twee super leuke geschakelde ruime huisjes met een super mooi uitzicht over het dal. In het wildpark leven veel verschillende dieren, maar het is wel mogelijk je te voet, per fiets of te paard door het park te verplaatsen. Er leven krokodillen, nijlpaarden en jachtluipaarden en deze laten zich ook in het kamp zien, maar dit is met name in de nacht.

We doen deze dagen weer leuke dingen. We gaan met zijn vieren paardrijden, de vuurdoop voor Vino, Laura en Michel. Super leuk om door een wildpark te rijden, tussen de dieren, op de rug van een paard en de uitzichten zijn geweldig. Al gauw is Vino aan het roepen dat ik moet gaan ‘draften’ en ‘galopperen’. Samen met 1 van de gidsen neem ik een andere route om een mooi stuk in volle galop door het landschap te razen. Op volle snelheid vliegen we over smalle kronkelpaadjes. Het is absoluut genieten en ook beneemt het me af en toe de adem. Op een breed pad zie ik dat de gids zijn paard nog een extra aanzetje geeft en ik zie het hele lichaam van zijn paard verzamelen en aanspannen om vervolgens vooruit te stuiven. Ik volg. Heerlijk is dit.

’s Middags ruilen we de paarden in voor onze 4x4 en rijden naar een 4x4 trail. Eenmaal op de route blijkt wel waarom dit een ‘4x4 trail’ is. Gespannen rijden we hoog in de bergen langs de afgrond, schuivend over rotsblokken. ‘De gevaarlijkste wegen van de wereld’ is er niets bij. We zijn blij met onze degelijke auto!

We rijden terug naar onze lodge en besluiten te gaan mountainbiken. We fietsen tussen zebra´s en impala´s, fantastisch mooi. Af en toe een stukje flink klimmen en een paar keer een watertje oversteken, door bos en over vlaktes. Genieten.

En dan is het opeens 21 juni. Tijd om de grens met Zuid-Afrika over te steken en Vino uit te zwaaien in Johannesburg… Vanaf hier gaan we met zijn drieën verder.

We vertrekken de volgende ochtend richting Sterkrivier. Voor de eerste keer deze vakantie kruip ik achter het stuur. Ik heb wel eens eerder links gereden, maar niet in zo’n grote auto en alleen in een automaat. Het is even onwennig. De pedalen voor je voeten zijn hetzelfde, maar schakelen is met links en ook ruitenwisser en richtingaanwijzer zitten andersom van wat ik gewend ben. Maar, de auto rijdt heel fijn en afgezien van een paar schakelfoutjes en de ruitenwisser te gebruiken als richtingaanwijzer gaat het goed.

Om 12 uur komen we al aan bij onze lodge. We gaan van de verharde weg af en voeren de code in van de gate die we van te voren per mail hebben ontvangen. Door het hek en een stukje onverhard verder. We komen op een heel mooi landgoed met een gazon groener dan groen, een zwembad,  uitzicht op de bergen, een jacuzzi en een hele mooie kamer. Er zijn maar 4 kamers en wij zijn de enige gasten.

We hebben hier een aantal heerlijke dagen. Met een biertje in de jacuzzi, relaxen met een boek aan het zwembad, overheerlijke maaltijden, ’s avonds onder een dekentje op de loungebank 30 seconds spelen, uitgebreide wandelingen waarbij we van alles tegenkomen: groepen impala´s en andere hoefdieren die soms plots vanuit de bosjes tevoorschijn springen en voor onze neus het pad oversteken. We zien een paar kudu´s, een grote groep rennende wildebeesten, een kudde zebra´s die galopperend ons pad oversteekt en aapjes die elkaar waarschuwen voor onze komst. En buiten om de dieren die we zien; wat een stilte!

Iedere avond om 19.00 uur komt de housekeeping langs op onze kamers om onze elektrische deken alvast aan te zetten en een chocoladereep op ons nachtkastje te leggen. Wat een luxe.

Op 24 juni steken we de grens over met Botswana. Ter overbrugging slapen we vannacht in Selebi-Phikwe om de dag erna verder te reizen naar Gweta.

Michel rijdt het eerste stuk. Daarna ben ik aan de beurt. We rijden een groot stuk van de route over een tweerichtingsverkeer weggetje dat hartstikke smal is en vol zit met enorme ‘kraters’. Toegestane snelheid: 120 km/h. Laura en ik zeggen net tegen elkaar dat je in NL op een weg als deze hooguit 80 zou mogen rijden en dat de weg hier nog smaller is dan een 80 km weg in NL. We zijn nog niet uitgesproken of een tegenligger komt opeens op onze baan rijden! Raas je daar met 120 km/h een frontale botsing tegemoet! Flink op de rem met de bedoeling daarna uit te wijken naar de berm, maar net op tijd stuurt de tegenligger weer naar zijn eigen baan. Pffft.

Wanneer we dichterbij Gweta komen zie ik opeens iets op de weg staan in de verte. Is dat een olifant? Jawel hoor! Het is een olifant! Een reusachtige olifant! Op zijn gemakje steekt hij de weg over om aan de overkant in de bosjes te verdwijnen.

De dag erna vertrekken we met gids in een jeep voor een off road route van zo´n 1,5 tot 2 uur. We stoppen op een gegeven moment bij een stokstaartjes kolonie. We kunnen harstikke dichtbij komen. De gids zegt dat ik op de grond kan gaan zitten, dat ze dan misschien op me klimmen. Dit doen ze jammergenoeg niet. Er zijn ook verschillende baby stokstaartjes die net als hun ouders net zo hard graven op zoek naar schorpioenen en andere insecten. Super schattig. De baby´s spelen met elkaar, ze rollen over elkaar heen. Ondertussen produceren ze super lieve geluidjes. Ik kan mij hier uren vermaken.

We rijden verder en komen aan bij de rand van Makgadikgadi, een enorme zoutpan. Hier staan quads voor ons klaar. Vol gas scheuren we over de pan, soms verblind door het stof van onze voorganger en met de ondergaaande zon op de achtergrond die langzaam in de pan zakt. De lucht kleurt rood.

Na een flink stuk rijden komen we aan bij ons kamp. Hier brandt het kampvuur al. We hoeven niets te doen, alleen maar te relaxen bij het vuur terwijl er ondertussen voor ons wordt gekookt. We eten rond het vuur, kletsen wat na. De slaapzakken zijn al voor ons uitgerold. We kletsen nog een tijdje met de gids die ons sterrenbeelden aanwijst met zijn laserpointer. Ook wijst hij ons planeten aan, waaronder Mars. We kruipen in onze slaapzakken, midden op de pan. Het wordt gedurende de hele nacht niet donker! Het is volle maan en het licht weerkaatst op de witte zoutpan waardoor het niet donkerder wordt dan schemerig. Het is gelukkig niet super koud vanavond en de slaapzak is warm. Al vrij snel val ik in slaap, om daarna nog regelmatig wakker te worden en steeds te merken dat het nog niet donkerder geworden is. Pas tegen de ochtend, wanneer de maan achter de pan zakt, wordt het even donker.

Op de weg terug in de safaritruck geven we een lift aan een magere Afrikaanse veehouder. Hij is vanmorgen vroeg vertrokken om te voet over de lange off road route van 40 kilometer naar Gweta te lopen. Hij woont aan de rand van de zoutpan, ver van de bewoonde wereld. Hij moet in Gweta zijn voor een begrafenis. Hij reageert heel dankbaar dat hij met ons mee mag rijden terwijl we ruimschoots zitplaatsen over hebben in de grote open wagen. Wat een contrast met hoe wij in Nederland leven en hoe bepalend is het waar ter wereld je geboren wordt..

Daarna op pad naar onze volgende bestemming, Maun. Onderweg zien we grote kuddes zebra’s in de berm. De route is er weer eentje vol met grote gaten!

We hebben een ruim appartement waar we ´s middags aan komen en we boeken een excursie voor de dag erna naar de Okavango Delta.

We vertrekken vroeg en rijden in een safaritruck eerst een stukje over de verharde weg en daarna een hele poos off road. We komen aan bij een oever en gaan hier over in 2 ´mokoro´s´, een soort uitgeholde boomstam die voortbeweegt door het plaatsen van een stok op de bodem van het water.

Al vrij snel zien we nijlpaarden in het water. We glijden door smalle doorgangetjes omgeven door riet en graslandschap Op sommige plaatsen is het riet helemaal plat, daar hebben olifanten door het water gelopen! Af en toe horen we het knorren van nijlpaarden, zonder in te kunnen schatten hoe dichtbij of ver weg ze zijn.

We meren aan bij een eiland en maken een flinke wandeltocht. We komen sporen tegen van leeuwen, olifanten, zebra´s en buffels. We zien Wildebeesten en giraffen.

Wanneer we terug komen van de wandeling staat er lunch voor ons klaar. Daar zijn we aan toe! Daarna varen we terug.

De dag erna is het alweer 29 juni en de laatste dag volle dag met zijn drieën in Afrika. We rijden vandaag naar Moremi Nationaal Park. Het blijkt een mooi park en een uitdaging om te rijden want het is veel rijden door los zand.

In het park is de route heel slecht aangegeven. Je zou er gemakkelijk verdwalen. We rijden een stukje en komen een tegemoetkomende auto tegen. We willen vragen waar hij vandaan komt en waar de weg waar hij vandaan komt op uit komt. Helemaal hyper vertelt de bestuurder dat hij en zijn vrouw een stukje verderop vastzaten tussen aan de ene kant olifanten en aan de andere kant leeuwen. Die kant maar op dus! We zien verschillende olifanten. Helaas geen leeuwen.

We rijden verschillende routes door het park en zien olifanten van heel dichtbij. Verder zien we giraffes en zebra´s.

´s Avonds op bed probeer ik nog in te checken voor mijn vlucht naar India, maar het lukt niet. De vlucht is geboekt via vliegwinkel bij Air India en wordt uitgevoerd door Ethiopian Airlines. Wanneer ik bij Air India wil inchecken moet ik een luchthaven van vertrek kiezen uit een lijst en Gaborone staat daar niet bij. Ook bij Ethiopian Airlines kan ik niet inchecken. Ik ben er niet helemaal gerust op maar probeer er op te vertrouwen dat het goed komt.

30 juni

En dan ga ik vanaf nu toch echt alleen verder .. Laura en Michel zetten mij om 8.00 uur af op het kleine vliegveldje van Maun voor mijn binnenlandse vlucht naar Gaborone, de hoofdstand van Botswana. Mijn vliegtuigje van Air Botswana komt aan. Het is een klein propellervliegtuigje waarmee ik ooit eerder heb gevlogen en ik heb mijzelf toen beloofd dat ik nooit meer in zo´n ding hoefde te stappen (mijn ervaring is dat als je erin zit het net een papieren vliegtuigje is omdat het meedeint op ieder zuchtje wind), maar als ik op tijd in Gaborone wil zijn heb ik geloof ik weinig andere keuze .. Ik zit op rij 5 van de 11 rijen. Het gaat gelukkig goed en 1,5 uur later staan we in Gaborone.

Ik kan meteen inchecken voor mijn vlucht naar India. Of althans; de incheckbalie van Ethiopian Airlines voor deze vlucht is al geopend. Bij de balie geef ik mijn paspoort af. Het meisje achter de balie is druk aan het tikken op haar computer. Ze doet er lang over. Ze geeft aan dat ik ondertussen alvast een departure formuliertje kan invullen. Op een gegeven moment geeft ze aan dat ze mij niet kan vinden in het systeem. Ik zoek mijn elektronische ticket erbij, laat het haar zien. Ze zoekt verder en na enige tijd heeft ze mijn vlucht gevonden maar ze kan mij niet inchecken omdat ik geboekt heb via India Air. Ze gaat eerst iemand anders helpen en gaat het daarna uitzoeken. Ze vraagt mij om even te wachten. Nadat ze de andere passagier geholpen heeft pleegt ze verschillende telefoontjes die niet leiden tot het gewenste resultaat. Ze roept een collega op die mij verder gaat helpen, een  vriendelijke man. Hij wil weten hoe je ‘Kakebeeke’ uitspreekt. Daarna gaat hij voor mij aan de slag maar ook hem lukt het niet. In het Afrikaans communiceert hij met zijn collega en zoekt ondertussen van alles op. Na een tijdje kijkt hij mij aan en zegt in het Engels ‘there are no seats’. Ik denk nog dat hij een grapje maakt. Maar hij is hartstikke serieus! Ik mag achter de balie komen zodat hij mij kan laten zien wat het probleem is. India Air heeft mij in klasse M ingedeeld, maar Ethiopian Airlines kent geen klasse M. Hij pleegt weer verschillende telefoontjes. Uiteindelijk stuurt hij mij weg en zegt dat ik even een beetje kan gaan rondkijken. Hij gaat een collega benaderen en zal mij straks roepen. Hij zegt dat ik mij geen zorgen moet maken. Dat doe ik wel!! Ik wacht en wacht en hoor of zie niets. Geen idee of ze nog voor mij bezig zijn. De tijd verstrijkt. Het is inmiddels al half 2 terwijl ik iets na half 12 aan de incheckbalie stond. Mijn vlucht gaat om 15.00 uur. Dat duurt gelukkig nog even, maar ik weet niet hoe lang ze nog nodig hebben en of het überhaupt goed gaat komen.

Tegen 14.00 uur is het dan gelukkig toch geregeld!! Ik kan mee op de vlucht naar Mumbai met een overstap in Ethiopie.

De volgende ochtend rond half 8 landen we in Mumbai. Nu moet ik opschieten om mijn aansluiting te halen naar Bangalore. Ik moet namelijk uitchecken en door de visumprocedure en dan weer inchecken. De visumcheck verloopt soepel, maar ik moet ontzettend lang wachten op mijn backpack. Hij valt als een van de laatste bagagestukken op de band. Snel door naar de incheckbalie waar een gigantische rij staat. Het is al bijna tijd om te boarden voor mij! Wanneer ik dit aangeef, mag ik gelukkig de rij voorbij. Mijn tas weegt 2 kg teveel. Help! Als ik snel ben mag ik er nog wat spullen uithalen, maar ik moet opschieten want ik moet gaan boarden. Snel vis ik nog wat dingen uit mijn backpack.

Vervolgens is het eindeloos lopen voordat ik bij de security aan kom. En wat zijn ze hier langzaaaaam. De vrouw voor mij heeft een fles alcohol bij zich en hier gaan ze uitgebreid over in discussie. Ondertussen blijft mijn bagage stilstaan in de scan. Net als ik er iets van wil zeggen, pakt 1 van de medewerkers mijn rugtas en zet hem ergens opzij op een tafeltje en gaat iets anders doen.

Ik waarschuw een andere medewerker en laat weten dat ik erg veel haast heb en dat mijn tas nu daar staat. Ze denken dat er een aansteker in zit. Hop mijn hele tas weer ondersteboven, inclusief ook weer mijn toilettas met alle kabeltjes. Alles wordt weer uitgeplozen. Ik weet niet waar ik het geduld nog vandaan moet halen. Eindelijk zijn ze klaar en kan ik door naar de gate! Eenmaal daar gaan ze net boarden. Gelukkig gehaald!

In het vliegtuig zie ik een man waarvan ik denk dat hij iets mankeert, Parkinson misschien? Niet veel later zie ik dat dit het hoofdschudden is dat Indiers doen waarover ik heb gehoord en de rest van de vlucht observeer ik hoe iedereen hier voortdurend zijn hoofd schud ter bevestiging of als een ‘ja’.

In een kleine twee uur vliegen we van Mumbai naar Bangalore. Op de airport koop ik een lokale simkaart en een ticket voor de ‘flybus’ voor morgen.

Ik wacht op de shuttle service die ik op voorhand via het hotel geregeld heb. Die is er niet op de afgesproken tijd. Ik loop tig rondjes op de plekken waar ik denk dat deze zou kunnen zijn. Ik ben moe van de lange reis en de overgeslagen nacht. Mijn zware backpack op mijn rug, mijn dagrugzak op mijn buik, de starende mensen (ik ben hier de enige niet-Indier), zeer onvriendelijke en onbeleefde medewerkers bij het kopen van mijn simkaart (ik werd recht in mijn gezicht uitgelachen) en nu is mijn taxi nergens te bekennen. Ik bel het hotel. Zij geven mij het nummer van de chauffeur. Ik blijk het verkeerd te hebben genoteerd want geen gehoor. Nogmaals contact met het hotel en het goede nummer opgeschreven. Ik bel de chauffeur. Die zegt er over 10 minuten te zijn. Na 25 minuten is die er nog niet. Ik bel hem nogmaals. Het blijkt miscommunicatie. Hij dacht dat ik ’s nacht om 2.00 uur aan zou komen in plaats van ’s middags 14.00 uur. Hij zal er nu echt binnen 10 minuten zijn. Gelukkig is dat nu ook echt zo en een kwartiertje later ben ik bij mijn hotel.

De volgende ochtend ga ik met de taxi weer naar de airport waar om 10.00 uur de ´flybus´ vertrekt. Het is een rit van 4,5 uur naar Mysore. Vanaf daar rijd ik met een taxi (die al geregeld is) in 2 uur naar Anahata healing centre dat in een klein dorpje ligt.

De chauffeur, een oudere man, laat mij achterin plaatsnemen. De auto valt half uit elkaar. Aan mijn kant heeft hij geen  buitenspiegel en achterin zitten geen gordels. Ook is er weinig meer over van de vering van de auto. Op het dashbord staat een compleet altaartje met allerlei Hindoeistische beeldjes en attributen. Ik hoop maar dat ons dit gaat helpen want zonder om zich heen te kijken wringt hij zich onder luid getoeter door het verkeer. En hij is niet de enige die toetert. Het getoeter overstemt alles en gaat aan een stuk door. Het verkeer bestaat met name uit mensen op scooters en in auto´s. Langs de kant van de weg zitten mensen jackfruit schoon te maken voor de verkoop en overal zie ik vrouwen lopen in kleurrijke saree´s, de een nog mooier dan de ander. In tegenstelling tot Botswana zie ik niet veel koeien op de weg.

Ik had niet echt een voorstelling van India, maar het is wel veel minder modern dan ik had gedacht. Ik dacht dat na Afrika een cultuurshock niet meer echt mogelijk zou zijn, maar het is toch een beetje Afrika in het kwadraat. Meer mensen, meer chaos, meer armoede. En dan het verkeer!! In Afrika kreeg ik nog bijna een beroerte toen er een tegenligger op ons af kwam rijden, hier is het heel normaal! Inhalen voor een bocht of een heuvel, gewoon doen. Komt er dan net een tegenligger, dan kijk je gewoon of het past met zijn 3en naast elkaar. Past het niet, dan vol op de rem en toch nog maar even invoegen achter je voorganger.

Eenmaal bij Anahata word ik welkom geheten door Rakesh en ik drink mijn eerste Chai. Niet veel later een warm welkom van Kiran, de oprichteren eigenaar, die mij meteen een en ander begint te vertellen over Anahata.

Mijn kamer is basic, zoals ik had verwacht, en prima. Maarrrr, waar ik zo bang voor was; ik heb een toilet zonder wc-papier!! In plaats van wc papier is er een sproeier. Dit is tot nu de grootste cultuurshock! Daarnaast zit er weinig druk achter de douche en is er vrijwel nooit warm water dus ’s morgens ben ik meteen goed wakker.

Mijn eerste week in India is er 1 met ups en downs. Ik ben de enige gast in deze week bij Anahata en Kiran is eigenlijk de enige bij Anahata die goed Engels spreekt. Rakesh spreekt het een beetje, maar die kan ik bijna niet verstaan. Dan is er nog de kokkin/huishoudster, maar zij spreekt geen woord Engels en af en toe komt er iemand over de vloer, maar geen van allen spreken ze Engels. Het is een week waarin ik vooral heel erg veel tijd heb en weinig programma.

Ik koos ervoor om naar Anahata te gaan omdat de belofte werd gedaan dat ik hier kennis kon maken met het lokale leven in een dorp in India. Deze belofte is zeker waargemaakt en dit heeft het ook de moeite waard gemaakt. Tegelijkertijd voelde ik mij een groot deel van de tijd erg eenzaam en op mijzelf aangewezen.

Maar, er zijn absoluut ook hoogtepunten. De dagen hebben over het algemeen dezelfde opzet. ’s Morgens voor 7 uur start ik met yoga samen met Kiran, buiten bij het meer. Daarna loop ik met hem het dorp in naar een plaats waar hij 3 vrienden ontmoet en waar we gezamenlijk chai drinken en de krant lezen. De chai wordt besteld bij iemand op straat en wordt naar ons toe gebracht in kleine kartonnen cupjes.

Op sommige dagen lopen we na de chai naar de basisschool die naast Anahata ligt en doe ik spelletjes met de kinderen op het plein. Kiran heeft herhaaldelijk gevraagd of ik Engelse les wil geven, maar hier voel ik mij niet comfortabel bij. Ik ben niet eens zeker over mijn eigen Engels, laat staan dat ik het over moet brengen op een groep kinderen.

Rond een uur of 10 ontbijt ik, buiten, in mijn eentje. Het zijn gerechten zoals roti of rijst en ze worden gemaakt door de kokkin.

Tussen het ontbijt en de lunch krijg ik iedere dag een uitgebreide Ayurvedische massage door een dame die Kiran daarvoor laat komen.

Daarna lunch ik, wederom buiten en alleen, en ook dit keer een warm gerecht.

Na de lunch is er soms wel iets te doen, soms ook niet, maar bijna alle dagen maak ik aan het einde van de middag een wandeling met Kiran.

Daarna dineer ik, ook weer buiten en alleen en meestal in het donker in het zwakke schijnsel van een klein kaarsje. Na het eten wordt ik meestal lek gestoken door de muggen en in mijn eentje buiten zitten is verder ook niet echt gezellig dus meestal vertrek ik vroeg naar mijn kamer. De maaltijden zijn overigens erg lekker en vrijwel alles is gemaakt van verse, eigen verbouwde, producten. Ik was van tevoren erg bang voor een ‘delhi belly’ waarover ik gelezen heb dat je er haast niet aan ontkomt door het verontreinigde water en slechte hygiëne. Zelfs je tandenborstel zou je niet mogen uitspoelen met kraanwater. Maar, tot nu toe heb ik nog nergens last van gehad.

Ik heb kunnen zien hoe de mensen leven hier in een klein dorp waar het lijkt alsof de tijd heeft stilgestaan. Kleine gekeurde huisjes, geitjes die worden voortgedreven, koeien die in groepjes terug komen van hun dag op de wei om voor het huis gestald te worden, vrouwen met grote bossen takken op hun hoofd, kindjes op de drempel voor hun huis, scharrelende kippen, mensen die voor hun huis met elkaar zitten te kletsen, hindoeïstische afbeeldingen en tempels, stilte en rust.. Er is weinig hier dat doet denken aan het moderne leven zoals wij het kennen. Er komt een man door de straat lopen met een grote kar die hij met de hand voortduwt. Kiran geeft mij 10 rupees en zegt mij dat ik dit aan hem kan geven. Nu ze ik wat er op de kar ligt, een kar vol pinda´s in de dop! In ruil voor de roepies krijg ik een papieren zakje aangereikt dat hij vult met pinda´s. Het zijn deze simpele dingen die het zo mooi maken om hier te zijn en die mij doen realiseren dat eenvoud zo waardevol kan zijn.

Kiran heeft mij verschillende keren meegenomen naar vrienden om bij hen thuis chai te drinken. 1 avond ben ik uitgenodigd door Rakesh en zijn vrouw voor het diner. Dit is een hele leuke ervaring. Zij huren een klein huisje voor omgerekend 25,00 euro per maand. Alles is van beton en heel summier ingericht. In de woon/slaapkamer die ongeveer 2,5 bij 2 meter is ligt alleen een kleed op de grond. Hier slapen zij op en dit is tegelijkertijd het ‘bankstel’ en de ‘eethoek. Aangrenzend is de keuken die ongeveer even groot is in oppervlakte. Dan is er nog een badkamer met 2 betonnen bakken waarvan 1 gevuld met water en het toilet is buiten.

Ik mag helpen met het maken van het eten en we eten gezamenlijk op de grond, met onze handen.

Een van de avonden komt Shiela, een vrouw van 28 uit het dorp. Ze wil haar Engels oefenen. We kletsen en wisselen cultuurverschillen uit. En dat zijn er nogal veel!

Een van de middagen ga ik met Rakesh op de brommer naar een school een stukje verderop. Een van de vrienden van Kiran is zeven jaar geleden zijn zoon verloren en sinds die tijd doneert hij ieder jaar lesmateriaal aan de school uit naam van zijn zoon. Ik ben uitgenodigd om mee te gaan en in een stuk of 7 a 8 klassen mag ik ieder kind een setje boeken geven. De kindjes zijn keurig opgevoed, hebben veel respect en tonen veel dankbaarheid. Het is waardevol om hierbij te mogen zijn.

Op 1 van de middagen eindigt de wandeling van Kiran en mij bij een klooster. Via een binnenplaats en een grote trap komen we boven op een soort galerij waar een enorme zetel staat, haast een soort troon in mijn beleving. Niet veel later komt de monnik in een oranje gewaad en neemt plaats in de grote stoel. Kiran knielt en kust zijn voeten. Hij zou een nakomeling zijn van Basaveshwara, een bekende monnik uit de Hindoeïstische geschiedenis. Bijzonder om ook dit bezoek te mogen bijwonen.

Ondanks deze vele mooie momenten die ik niet had willen missen, ben ik blij dat ik vandaag weer verder ging. Terug naar Bangalore. Voor 1 nacht in een hotel (wc-papier en een warme douche, meer is er niet nodig om eens mens (dit mens dan in ieder geval) gelukkig te maken haha) en morgen een vlucht naar Goa.

Overigens ben ik al helemaal ingeburgerd waar het blote voeten lopen betreft omdat je hier binnen nergens schoenen en sokken mag dragen (en zelfs je schoenen of slippers niet in je hand mee door het huis mag nemen!) en ook het groeten door middel van het plaatsen van mijn handpalmen tegen elkaar voor mijn borst, begeleid door een ‘Namaste’ is haast al een automatisme. Ik ben nog niet begonnen met het ‘hoofd schudden’, wie weet komt dat nog!

Het alleen reizen valt mij tot nu toe best wel tegen en ik ben benieuwd wat komende week in Goa gaat brengen.

Het is weer niet gelukt om mijn verhaal kort en bondig te houden merk ik … ik ga de volgende keer weer een nieuwe poging wagen hiertoe!

Lieve allemaal, ik mis jullie!

Foto’s

11 Reacties

  1. Ron en Petra:
    8 juli 2018
    Lieve Anne, wat heb je weer een prachtverhaal geschreven. Je neemt ons mee met jou op reis. Dank je wel. Hopelijk voel je je comfortabeler op je volgende plek.
    Knuffel Ron en Petra.
  2. Paula Sierdsma-Meijers:
    8 juli 2018
    Lieve Mie! Wat een geweldig verhaal! Wat maak jij veel mee en wat moet je met veel problemen dealen! Knap hoor, zo je het steeds weer oplost èn je geduld bewaart! 👏 👏
    Leuk om bij de mensen thuis te komen, hè? Je maakt zoveel meer mee dan wanneer je als toerist reist, echt bijzonder!
    Je moet je niet verontschuldigen voor de lengte van je verslag, hoor! Hoe langer hoe leuker! Volgende week laat ik oma meelezen en laat haar de foto's zien. Dat vindt ze zo leuk!
    Hier is alles prima. Hoge temperaturen en grote droogte, maar daar kijk jij niet van op, haha! Niks vergeleken bij waar jij bent, denk ik.
    Ontvang van ons allemaal veel groeten en een tút!
    Paula
  3. Bita:
    8 juli 2018
    Gelukkig heb je jouw verhaal niet kort en bondig gehouden nu krijgen we een fantastische indruk van je belevenissen. Je hebt een gave om al je indrukken te vertalen in woorden. We kijken uit naar je volgende verslag. Geniet en wees voorzichtig.
    Liefs Hans en Bita
  4. Jolanda:
    8 juli 2018
    Hoi lieve dappere Anne, heb genoten van je verhalen vooral op het vliegveld, wat een geluk dat je het op tijd gehaald hebt! India is niet echt mijn vakantie land maar door jou verhaal zie je ook een andere kant, ik lees het dan ook met veel plezier.
    En mocht je je nog eens alleen voelen denk dan aan iedereen die je verhalen leest en aan je denken. Zoals Paula hierboven al schreef, hier is het ook zeer warm en droog maar dat is inderdaad niets vergeleken met India. Ik wens je nog veel mooie momenten en we blijven je natuurlijk volgen! Liefs en groeten Marten en Jolanda
  5. Bonita:
    8 juli 2018
    Mooi verhasl Annemie. Fijn je zo te kunnen volgen. Namaste!
  6. Laurens Sierdsma:
    9 juli 2018
    Hallo Anne!

    Wat een mooi avontuurlijke reis! We gaan over 2 weken naar Limburg, dat vind ik al een heel avontuur haha!
    Veel plezier en ik wacht graag op je volgende vehaal.
  7. Eline:
    9 juli 2018
    Lieve Anne,
    Zo leuk om je verslag te lezen. We missen jou ook ontzettend. Maar je maakt zulke bijzondere dingen mee en zo kunnen we het allemaal ook een beetje ervaren. Er komt straks vast wat meer gezelschap. Heel veel liefs uit TTown ;-)
  8. Be:
    9 juli 2018
    Super leuk geschreven! Eigenlijk nog maar zo'n korte tijd weg en al zo veel mee gemaakt! Nu al onvergetelijk en bijzonder.
  9. Noelle:
    9 juli 2018
    Heeeeerlijk die korte verhalen van je hahaha blijf zo door gaan! Lekker om weer een stuk meegereisd te hebben, met jou maak je nog wat mee, thx! Ik heb bootje gevaren in de Biesbosch, hoe avontuurlijk kun je het hebben haha
    Geniet lekker verder lieverd, tot de volgende x
  10. Suzanne:
    13 juli 2018
    Wat schrijf je toch leuk! Het leest echt lekker weg! Super om zo een beetje mee te krijgen wat jullie en nu jij meemaken! En niet gek dat het alleen zijn even tegenvalt, maar dat komt vast goed als je er wat meer aan gewend bent en mooie mensen op je reis tegen komt!
  11. Heleen:
    13 juli 2018
    Hoi Annemie ,

    Vandaag eens lekker gaan zitten om je verhaal te lezen. Heerlijk om het lange verslag van je reis te lezen.

    Ik snap dat het wennen is om , na een paar weken samen op pad te zijn geweest, alleen verder te gaan. En dan ook gelijk naar India. En ,ondanks dat het soms lastig is, zal het je ook heel veel geven.

    Ik vind je geweldig stoer hoe je dingen oppakt die lastig zijn en hoe je geniet van de leuke dingen.

    Blijf dat doen en ik kijk alweer uit naar je volgende verhaal en foto's.

Jouw reactie